Het grootste deel van de vrouwen met borstkanker keert terug naar werkvloer. Dat blijkt uit een studie van de Christelijke Mutualiteiten (CM). Een op de vier kreeg tijdens de ziekte zelfs geen ziekte-uitkering van de CM.


De CM ging voor 7.600 vrouwen tussen 20 en 64 jaar die beroepsactief waren toen zij te horen kregen dat ze borstkanker hadden, na of zij in de twee jaar na de diagnose een ziekte-uitkering kregen.
Opmerkelijk: voor ongeveer één vrouw op de vier (24 procent) betaalde het ziekenfonds tijdens de twee maanden nadat de kanker ontdekt werd geen ziekte-uitkering.
Van de vrouwen die wel een ziekte-uitkering kregen, is twee derden (67 procent) binnen de twee jaar na de borstkankerdiagnose volledig of gedeeltelijk terug aan het werk. Gemiddeld kregen zij één jaar een uitkering. 26 procent is langer dan twee jaar arbeidsongeschikt.
Hoe jonger, hoe groter de kans op werkhervatting, zo blijkt uit de studie. Ook de aard van het werk en het statuut van de werknemer spelen een rol. Arbeidsters zijn minder vaak terug aan de slag dan bedienden.
Een zelfstandige wordt minder vaak arbeidsongeschikt dan een loontrekkende. Maar als ze arbeidsongeschikt zijn, dan blijven zelfstandigen dat langer.
Hoe zwaar de diagnose borstkanker ook is, de cijfers stemmen hoopvol, zegt de CM. Voorzitter Luc Van Gorp: "Dat de meeste vrouwen die voordien werkten na een borstkankerbehandeling het werk kunnen hervatten, toont aan dat ook een zware ziekte niet het einde van iemands professionele carrière hoeft te betekenen."