De helft van de nalatenschappen in Vlaanderen is kleiner dan 132.000 euro, en zo'n 70 procent blijft onder de drempel van 216.000 euro steken. Slechts 10 procent van de overleden Vlamingen liet meer dan 450.000 euro na. Dat blijkt uit cijfers voor 2017 van de Vlaamse belastingdienst, waarover De Standaard vandaag bericht. De dienst is sinds 2015 bevoegd om de successierechten te innen.


Het belastbare vermogen dat de Vlamingen in 2017 nalieten aan familie, kinderen en andere erfgenamen, bedroeg bijna 11,5 miljard euro. Concreet zijn dat overlijdens waarvoor een aangifte werd ingediend of die ambtshalve getaxeerd werden. Het gaat om 5,71 miljard euro aan roerend ver­mogen (spaargeld, beleggingen ...) en 5,48 miljard euro aan onroerend vermogen (vastgoed).

Opvallend is dat het roerend vermogen voor dat jaar licht gestegen is, terwijl het nagelaten onroerend vermogen lichtjes daalde. Het eerste is volgens de Vlaamse belastingdienst wellicht mede te danken aan de goede prestatie van de aandelenmarkten in 2017. Het tweede - de daling van het onroerend vermogen - is mogelijk een effect van de hervorming van de onroerende schenkingen. "De tarieven voor onroerende schenkingen werden medio 2015 verlaagd, wat aanleiding heeft gegeven tot een toegenomen aantal onroerende schenkingen. Dat kan als gevolg hebben dat het onroerend vermogen in de nalatenschappen daalt", zegt Kris De Sagher, woordvoerder van de Vlaamse belastingdienst.