Aanbieders van films of series op aanvraag, zoals Netflix, moeten minstens 30 procent van hun catalogus voorbehouden voor Europese producties. Dat is één van de afspraken die onderhandelaars van de lidstaten en het Europees Parlement hebben gemaakt om de spelregels voor traditionele audiovisuele omroepen en voor de video-on-demandaanbieders en videoplatforms evenwichtiger te maken. "Deze richtlijn geeft ons Vlaams medialandschap meer middelen en een betere bescherming", reageert Vlaams minister van Media Sven Gatz.

De Europese onderhandelaars raakten het eens over een herziening van de richtlijn over audiovisuele mediadiensten. De herziening moet zorgen voor een meer gelijk speelveld tussen traditionele media en videoplatformen, die ook bepaalde regels rond reclame of product placement, de blootstelling aan geweld en haatboodschappen en de bescherming van minderjarigen moeten respecteren.

Om de culturele diversiteit van de Europese audiovisuele sector te ondersteunen, is bepaald dat 30 procent van het aanbod van Europese makelij moet zijn. Dat geldt niet enkel voor de traditionele media, maar ook voor aanbieders op aanvraag zoals Netflix. Ook kunnen de lidstaten alle aanbieders van audiovisuele content verplichten om in lokale producties te investeren. Minister Gatz werkt al aan zo'n decreetswijziging die ervoor moet zorgen dat ook Netflix of Amazon een bijdrage leveren aan Vlaamse programma's, net zoals Proximus en Telenet dat nu al doen.

Gatz is dan ook tevreden met het resultaat. "De richtlijn zal ons medialandschap beter wapenen voor de toekomst. We zullen meer en beter kunnen investeren in eigen producties, waarin we erg sterk staan en waar Vlaamse kijkers van houden. En in de concurrentieslag met buitenlandse giganten krijgen onze omroepen een betere bescherming", meent de Open Vld-minister.

Het akkoord moet nog formeel bekrachtigd worden door de lidstaten en het Europees Parlement. Verwacht wordt dat het halfrond in september het licht op groen zal zetten. Nadien krijgen de lidstaten nog twee jaar tijd om de regelgeving om te zetten in nationale wetgeving.